Deze nacht is het droog gebleven, maar door de nabijheid van de rivier is de tent toch vochtig. Blijkbaar is de pap op, want deze morgen staat er soep (borsjtsj) op het menu.
Tegen 9u30 zijn we op weg voor een steile, lange en modderige klim naar "yellow noon". Als we boven de boomgrens even achterom kijken, hebben we een prachtig zicht op de Текелю [Tekelu]-vallei (en de wandeling van gisteren). Boven op de pas (2410m) houden we halt voor de lunch. Aan beide zijden van de kam hebben we een prachtig zicht op de valleien: Текелю [Tekelu] en Akkem.
Na een steile maar korte afdaling volgen we de flank van de helling, op weg naar de Ярлу [Yarlu]-vallei (ook wel UFO-vallei genoemd). Het pad loopt aanvankelijk vrij vlak, maar de regen maakt de moerassige ondergrond nog drassiger. We moeten soms van het ene grassprietje naar het andere springen om geen (al te) natte voeten te krijgen. Vlak voor de zeer steile afdaling naar de rivier hebben we een prachtig zicht op het Akkem-meer ["wit water"] en de achterliggende besneeuwde bergen. Op de helling komt zelfs edelweiss voor. Gelukkig zijn er enkele kenners in de groep (die zelfs in de regen nog oplettend rondkijken).
Nog even langs de Ярлу [Yarlu]-rivier wandelen, en dan staan we op 200m van onze kampplaats... alleen kolkt er een aanzwellende gletsjerrivier tussen! Hier daagt Ivan op met de drie paarden. Tim en Dominiek gaan als eersten over. Ondanks de sterke stroming en de rotsige rivierbedding lijkt het best mee te vallen. Maar als na die eerste overtocht het een tijd duurt vooraleer Ivan terugkeert met de paarden, beginnen we ons vragen te stellen. Wanneer Tim dan ook nog met twee bergtouwen opdaagt, worden de vraagtekens nog groter. En als er ten slotte aan elke kant van de rivier iemand met zo’n ‘reddingstouw’ moet gaan staan, begint het angstzweet hier en daar toch wel naar boven te komen...
Per twee wordt iedereen overgezet. Elke keer moet Ivan daarbij met de paarden terugkeren. Uit hun verschillende weigeringen blijkt dat de paarden het ijskoude water niet altijd appreciëren. Uiteindelijk staan we met zijn allen aan de juiste kant van de rivier. Een Japanse groep (oudere personen) die de beklimming van de Белуха [Belukha] heeft voltooid, logeert vannacht ook in het kamp. De helft van onze groep moet daarom alsnog in de kleine tentjes slapen. Door de overbevolking is het ook behoorlijk krap aan de eettafel. Het eten wordt deskundig door Anna opgediend... gelukkig maar, want anders zouden we het onderscheid tussen de soep en het hoofdgerecht niet hebben opgemerkt.
Ondertussen is Sasha teruggekeerd van de tandarts, en hij heeft Dominieks (in een zwemvest achtergebleven) fototoestel meegebracht... weer iemand die foto’s kan beginnen maken.
Na het eten en de баня [Banja = "sauna"] gaan we met z’n allen in de yoert zitten, rondom het kampvuur. Dit geeft wel warmte, de rook moeten we erbij nemen. Als de nacht valt zijn we Vlaamse liedjes aan ’t zingen, afwisselend tegen de Russen op.
|