|
Vandaag hebben we een dagwandeling gepland, en vanmiddag kunnen we dan
met de bus naar Vallehermoso rijden. Maar eerst pakken we onze rugzakken,
om ze in een opbergkamer weg te steken. We krijgen zelfs de sleutel mee,
indien er niemand zou zijn als we terugkeren. We ontbijten in cafetaria Zula.
Er zit hier ook een groep scandinavische toeristen. Van de uitleg verstaan we
niet veel, maar we kunnen wel de live-demonstratie van de ‘Silbo' (fluit-taal
van Gomera) volgen.
Via het kerkhof en een kleine opweg, wandelen we dan over een kasseipad de heuvel
op. Boven bereiken we de Cañada Grande. Via een heuse eucalyptischboom,
bereiken we het bezoekerscentrum van het park (en dit eiland). Uit de
tentoonstelling en video leren we dat we toch al het een en ander gezien hebben.
Na het verorberen van een kippetje in Tambor (en het op weg helpen van een Duitse
trekker), vervolgen we onze weg richting La Palmita. Via de barranco wandelen
we dan terug richting Agulo. In deze vallei zijn er bloemen in overvloed, en
Veerle heeft dan ook bijna een gans filmrolletje met bloemen en insekten getrokken.
Na het (ondertussen vertrouwde) stuwmeertje, hebben we een magistraal uitzicht
op Agulo, vanop een bijna 200m hoge wand. En de Teide op de achtergrond maakt
het plaatje compleet.
Na de afdaling hebben we nog tijd voor een drankje, en als we de rugzakken
oppikken, kunnen we de bus van 18u30 nemen. Via kronkelende bergwegen bereiken
we dan Valheromoso.
Hier is er ruime keuze aan kamers, en na een rondgang van Veerle (terwijl ik
bij de rugzakken blijf) besluiten we de kamers in de 'hostel' te nemen. Het
zijn niet de mooiste kamers, maar het is er rustig. Als we terug naar buiten
gaan, blijkt onze Duitse trekker hier ook aangekomen, hij verkiest echter wel
een andere plaats om te logeren.
Na een kleine wandeling door het stadje, bestellen nog een drankje in de bar.
En hier komt de Duitser ook weer binnenwandelen. Het wordt nog een lange avond
met uitwisseling van reiservaringen.
|